Trixie Whitley

Caleidoscopisch contrast

Ook in het tweede weekend blijft Gent Jazz verbazen met de typische, eigenzinnige lineup. Enkele grote namen als publiekstrekker ingebed tussen ontdekkingen in de meest diverse stijlen. Een dagje Gent Jazz heeft daarom altijd iets weg van een avonturentocht. Hoe grillig de weg ook is, de bestemming loont altijd de moeite.

Stadt: Stadt is een serieuze band met pedigree die ambitieuze dingen doet. Ze werden aangekondigd als een groep die afgewerkte rocksongs maakt en ruimte laat voor improvisatie en psychedelica. Een hele boterham al voor een opener op een nuchter oor aan een bijna lege mainstage. Misschien iets te veel van het goede zelfs. Dat de mensen van Stadt weten wat ze doen, staat buiten kijf maar op dit uur van de dag komt het allemaal wat gekunsteld over. Een beetje modulair, als gestapelde blokjes. Zelf vind ik ze op hun best als ze loslaten en wat afstand nemen van hun geroemde strakke songs. De ingrediënten zijn lekker maar niet altijd even makkelijk combineerbaar, als je zo’n cocktail mengt moet je durven doorshaken tot een nieuw, blended geheel.

Ivy Falls: Van een heel andere orde was Ivy Falls. Met minder stamboom en vanuit een meer realistische muzikale ambitie begonnen ze, naast mama en papa, ook de rest van het publiek te danken omdat ze speciaal voor hen naar de garden stage waren afgezakt. Vier jonge mensen brengen zelfgemaakte, lentefrisse pop. En ze doen dat heel erg goed. Leuke songs, erg netjes gespeeld, mooie stemmetjes, het is wat het is. Meer hoeft het ook helemaal niet te zijn. Een sympathieke band met een mooie toekomst.

Jenny Hval: Over naar de main stage dan maar weer waar Jenny Hval bij het begin van haar set met enig ongeduld op meer kijklustigen hoopt. Luidop spreekt ze het voornemen uit om met haar kunsten meer volk aan te trekken en de mensen er ook te houden. Bij het eerste nummer gunnen we haar dat van harte. Lef is een toe te juichen eigenschap in het ambacht der podiumkunsten. In beginsel toch, als er reden toe is. En daar wringt, voor velen, net het designerschoentje bij deze artieste. Het is allemaal zo moeilijk te geloven. Op het podium kronkelt een overstylede hipsterelf met gender issues. Zelf beweert ze het nog te menen ook maar bijna niemand trapt erin. Als de man achter de sequencer de enige is die soms iets van spanning brengt, blijft enkel nog de pose over. Jenny Hval is er niet in geslaagd meer mensen in de tent te krijgen, meer dan een rotatie van wisselende koppen zat er niet in.

Brain//Child : Dat het ook anders en beter kan, bewijst Brain//Child direct daarna. Hier niks van conceptuele holheid maar gewoon eerlijk, muzikaal vakmanschap, hoe verfrissend dat toch kan zijn. Gebouwd op degelijke fundamenten kan deze bende het zich permitteren je mee te nemen in structuren en lossere creativiteit. Ga gewoon met ze op uitstap, Brain//Child blijft aangenaam, interessant en verrassend.

Peter Doherty: Daarna was het tijd voor een Bekende Engelsman. Doherty haalde ooit de pers door een fout gelopen jeugdliefde en zijn minder gezonde levensstijl. Daarnaast speelde hij ook nog in een paar groepjes, wanneer dit naast dat lief en zijn gewoonten nog even lukte. Hij worstelde met een bedenkelijke reputatie bij medemuzikanten, pers en organisatoren. Met Doherty wist je nooit. Sinds enige tijd beterde Peter nog maar eens zijn leven. Maakte nieuw solowerk, verscheen in pak en net wit hemd. Peter is new and improved, maakt folkier, toegankelijker muziek en verschijnt zelfs tijdig als je hem op een affiche zet. Dit laatste was ook het geval op Gent Jazz, hij was er. Morsig als Onslow op een mindere dag komt hij het podium op gesloft, zich onderwijl met matig succes de Belgische chocolade van de bek wrijvend. Hij kriskrast door eigen oeuvre en demonstreert nonchalant de kwaliteit van zijn songs. Zelfs wanneer hij ze vanop zijn eigen wolk moedwillig door de mangel haalt. Desnoods stopt hij midden in een nummer om zijn band tot een spontaan arrangement te dwingen terwijl hij zelf de setlist lang vergeten is. Doherty is een begaafd warhoofd die groepsleden tot het uiterste van (wan)hoop en concentratie drijft. Maar ze doen het met zichtbare liefde, want samen zorgen ze voor een opmerkelijk resultaat. Vaak wat rafelig maar in elk geval oprecht, rock ‘n roll zoals het ook mag. Massaknuffel voor Pete.

Trixie Whitley: Na het charmeoffensief van haar voorganger leek Trixie Whitley een moeilijke taak te wachten. De tent was daarnet al plat gegaan voor de uitgelokte chaos van de extraverte verloren zoon, niet eenvoudig dus om die opgefokte tent weer mee te krijgen in een veel intimistischer verhaal. Maar ja, de rest kan je vast al raden. Whitley is gewoon een geval apart. Genetisch begenadigd, gekweekt als muzikante, volleerd songschrijfster maar bovenal geboren stemtrapeziste. Die stem en wat ze er allemaal mee kan, live is het echt overdonderend. Het schijnbaar gemak en de naturel maken het nog indrukwekkender. Breekt er een snaar bij het eerste akkoord? Dan lachen we dat gewoon weg en brengen een minstens even magistrale versie op piano. Wie zo in talent grossiert raakt niet meer van slag. Waarom zou ze ook, als alles klopt? Zonder twijfel een memorabele set, met de bekende nummers en ook een paar splinternieuwe waarvan ze de primeur voor haar geliefde publiek in de Bijloke heeft voorbehouden. Grote wederzijdse liefde deze avond en dan ging het ons niet enkel om de bindteksten met het meest schattige accent van het noordelijk halfrond. New York moet zich gewoon niet komen bemoeien: la Grande Dame de Gand, ons Trixie !

BLOW trio: Een fantastische avond is het al geweest, en hoewel iedereen nog moet bekomen van het lokaal talent van daarnet vinden velen toch nog de weg naar de garden stage voor het digestiefje van de dag. BLOW trio, klein en eveneens van eigen kweek maar met aanzien op straat en duizenden plays op YouTube. Ook op een podium werkt de magie van deze guerrilla buskers. Met 2 saxen en een drum toveren ze de tent in geen tijd om tot een boiler room. Wat het nu juist is, big beat, drum & bass of dubstep doet er niet zo toe. Het is gewoon slim gevonden van die gasten. De mix klopt en ze voeren het ook virtuoos en vol overgave uit. En dan zal je altijd wel een melosnob hebben die zeurt over de gimmick van maskers en hoodies, of de ingebakken beperkingen van de bezetting maar ach wat…nie neute, nie pleuje, just BLOW!

- Raf Baeyens -

Krijg het laatste FrontView Magazine nieuws in je Facebook nieuwsoverzicht: